Hoe kun je iemand, die de hele dag ligt vastgebonden, nog verder beroven van zijn bewegingsvrijheid? Je pakt een soort slang van 1,5 m lang en 20 cm dik, legt de bewoner op zijn rug, duwt de slang tegen zijn heupen, en plaatst zijn benen erover heen. De uiteinden van de slang leg je langs de zij omhoog. Gegarandeerd dat de bewoner niet meer op zijn linker- of rechterzij kan liggen, en alleen nog maar op zijn rug.
Ik vraag me af waarom ze vader niet gelijk in een doodskist leggen, rechttoe rechtaan, strak tegen de planken aan.
Men heeft het over 'vrijheidsbeperking'.
Dat is veel te vriendelijk-eufemistisch voor iets wat regelrechte vrijheidsberoving is.
woensdag 21 juli 2010
zondag 4 juli 2010
Doodgaan is geen optie (2)
Ouderenbescherming heeft mijn vorige bericht over de gevolgen van wilsonbekwaamheid, gekopieerd en geplaatst als volkskrantblog (klik hier). Dat heeft wat reacties opgeroepen. Iemand die arts is, heeft een link naar een model-richtlijn van het KNMG geplaatst, en erop gewezen dat euthanasie bij dementerenden, niet verboden is.
Dat is echter nog iets anders dan dat een wilsbeschikking van een inmiddels dementerende, actief uitgevoerd wordt.
Bovendien blijkt uit de praktijkvoorbeelden (daar zijn er 8 van in 7 jaren tijd), dat het gaat om mensen met beginnende dementie (en misschien nog niet wilsonbekwaam zijn verklaard). Verder zijn er diverse berichten op internet te vinden dat nog steeds de medici het moment van doodgaan bepalen, hetzij tegen de wil van de familie die het moment eerder wil, hetzij tegen de wil van de familie die het moment later wil.
Ook in deze verhalen echter wordt nog steeds vaak de dementerende zelf niet geraadpleegd, op een enkeling na.
Wat bijzonder interessant is binnen de (toelichting op de) KNMG-richtlijn, zijn de laatste bladzijden. Hierin wordt genoemd dat OOK een wilsonbekwame patient eerst benaderd moet worden alsof deze patient nog steeds een wil heeft, en dat hem/haar herhaalde, gesloten vragen gesteld moeten worden om zijn/haar eigen wil te achterhalen.
Ik zou willen dat dat veel meer praktijk was in het verpleeghuis waar mijn vader verblijft. Er wordt hem niets, maar dan ook werkelijk niets meer gevraagd. Zijn lot ligt volkomen in handen van primair de instelling, en secundair in dat van mijn broer B.
Hoewel vader steeds meer last heeft van afasie en verhalen vertelt waar niets meer aan vast te knopen is, kan hij uitstekend ja of nee antwoorden op gerichte, korte vragen, en kan hij uitstekend aangeven wat hij wil.
Misschien moet ik de volgende keer zelf de moed vatten om het es te hebben over versterven, of abstineren. Al toen hij nog zelfstandig woonde, zo'n 8 jaar geleden, zei hij op zijn verjaardag dat hij hoopte dat hij de volgende verjaardag niet meer mee hoeft te maken. Sinds die tijd heeft hij dat vrijwel elk jaar herhaald.
Dat is echter nog iets anders dan dat een wilsbeschikking van een inmiddels dementerende, actief uitgevoerd wordt.
Bovendien blijkt uit de praktijkvoorbeelden (daar zijn er 8 van in 7 jaren tijd), dat het gaat om mensen met beginnende dementie (en misschien nog niet wilsonbekwaam zijn verklaard). Verder zijn er diverse berichten op internet te vinden dat nog steeds de medici het moment van doodgaan bepalen, hetzij tegen de wil van de familie die het moment eerder wil, hetzij tegen de wil van de familie die het moment later wil.
Ook in deze verhalen echter wordt nog steeds vaak de dementerende zelf niet geraadpleegd, op een enkeling na.
Wat bijzonder interessant is binnen de (toelichting op de) KNMG-richtlijn, zijn de laatste bladzijden. Hierin wordt genoemd dat OOK een wilsonbekwame patient eerst benaderd moet worden alsof deze patient nog steeds een wil heeft, en dat hem/haar herhaalde, gesloten vragen gesteld moeten worden om zijn/haar eigen wil te achterhalen.
Ik zou willen dat dat veel meer praktijk was in het verpleeghuis waar mijn vader verblijft. Er wordt hem niets, maar dan ook werkelijk niets meer gevraagd. Zijn lot ligt volkomen in handen van primair de instelling, en secundair in dat van mijn broer B.
Hoewel vader steeds meer last heeft van afasie en verhalen vertelt waar niets meer aan vast te knopen is, kan hij uitstekend ja of nee antwoorden op gerichte, korte vragen, en kan hij uitstekend aangeven wat hij wil.
Misschien moet ik de volgende keer zelf de moed vatten om het es te hebben over versterven, of abstineren. Al toen hij nog zelfstandig woonde, zo'n 8 jaar geleden, zei hij op zijn verjaardag dat hij hoopte dat hij de volgende verjaardag niet meer mee hoeft te maken. Sinds die tijd heeft hij dat vrijwel elk jaar herhaald.
vrijdag 14 mei 2010
Virus
Telkens weer doemt het beeld voor ogen op van vader die huilt.
Ik had vandaag naar hem toe gewild, maar broer B. heeft een mail doorgestuurd dat de afdeling weer op slot is wegens 'een' virus.
Dat is de 4e keer binnen een paar maanden.
Ik had vandaag naar hem toe gewild, maar broer B. heeft een mail doorgestuurd dat de afdeling weer op slot is wegens 'een' virus.
Dat is de 4e keer binnen een paar maanden.
donderdag 13 mei 2010
Versterven?
Af en toe wordt je misselijk van de verhalen die je tegenkomt, en dit is er zo één: gedwongen versterven, of abstineren, dat is me niet duidelijk.
Alle mensen die op de afdeling waar mijn vader toe behoort, worden opgenomen, vermageren ernstig binnen een paar maanden. Toen ik enige tijd geleden de huiskamer binnenging om even een vuil kopje terug te brengen, was er een mevrouw die één van de bewoners terugbracht. Ze vroeg me, waar Y, verzorgende, bij zat: 'het valt me op dat ze allemaal zo mager worden; hoort dat zo?'. Ik antwoordde dat ik dat niet wist, maar dat het mij ook opviel. Y. zei niets.
Toen mijn vader in september nieuwe medicijnen kreeg, die als bijwerking in het begin hebben dat je er erge dorst van krijgt, trof ik hem aan met korsten op de lippen. Hij snakte naar een glas water, iets wat hij anders niet wil hebben.
Zus G. komt tegenwoordig meerdere keren per week langs om hem te helpen met eten. Ze zegt dat ze dat doet om de verzorging (dus haar collega's) te ontlasten, maar stiekum denk ik dat ook zij een sterk vermoeden heeft dat vader, sinds hij op de eenpersoonskamer ligt, nogal 'es vergeten wordt voor het middageten.
Meerdere malen is de vraag door me heen geschoten of de mensen, bewust of onbewust, met opzet te weinig eten krijgen. Dat heeft immers verzwakking tot gevolg, en daarmee grotere kwetsbaarheid voor virussen en ontstekingen, en dus gaan ze eerder dood.
Alle mensen die op de afdeling waar mijn vader toe behoort, worden opgenomen, vermageren ernstig binnen een paar maanden. Toen ik enige tijd geleden de huiskamer binnenging om even een vuil kopje terug te brengen, was er een mevrouw die één van de bewoners terugbracht. Ze vroeg me, waar Y, verzorgende, bij zat: 'het valt me op dat ze allemaal zo mager worden; hoort dat zo?'. Ik antwoordde dat ik dat niet wist, maar dat het mij ook opviel. Y. zei niets.
Toen mijn vader in september nieuwe medicijnen kreeg, die als bijwerking in het begin hebben dat je er erge dorst van krijgt, trof ik hem aan met korsten op de lippen. Hij snakte naar een glas water, iets wat hij anders niet wil hebben.
Zus G. komt tegenwoordig meerdere keren per week langs om hem te helpen met eten. Ze zegt dat ze dat doet om de verzorging (dus haar collega's) te ontlasten, maar stiekum denk ik dat ook zij een sterk vermoeden heeft dat vader, sinds hij op de eenpersoonskamer ligt, nogal 'es vergeten wordt voor het middageten.
Meerdere malen is de vraag door me heen geschoten of de mensen, bewust of onbewust, met opzet te weinig eten krijgen. Dat heeft immers verzwakking tot gevolg, en daarmee grotere kwetsbaarheid voor virussen en ontstekingen, en dus gaan ze eerder dood.
Hoe kies je een verpleeghuis
Vriend J. vertelde dat vader helemaal niet naar het verpleeghuis wilde waar hij nu is. Hij wilde naar het andere verpleeghuis in dezelfde stad.
Dat is nogal ontluisterend, omdat ik altijd het idee had dat dit huis zijn eigen keuze was. J. vertelde dat vader denkt dat hij in dit huis zit, omdat zus G. die bij dezelfde instelling en op hetzelfde terrein werkt, dan gemakkelijker bij hem langs kon komen. Maar in het verleden vertrouwde hij J. toe dat hij had verzucht dat ze helemaal niet zo vaak kwam, en als ze kwam was ze zo weer weg.
Ik heb de oude aantekeningen opgezocht, die mijn broer B. destijds toestuurde. Broer heeft samen met zus G. die twee verpleeghuizen bezocht, en hebben de verschillen opgenoemd. Ik herinner me de email-discussie, en wat in mijn herinnering de doorslag heeft gegeven is dat degene met christelijke signatuur geen kerkdiensten had, en de andere zonder die signatuur wel. Het werd dus die laatste.
Maar het argument dat het dan wel zo makkelijk voor zus G. was, staat niet vermeld en komt mij ook niet bekend voor.
Hoe dan ook, zus en broer blijken dus nog een extra belang te hebben om elke kritiek in de kiem te smoren; immers, als ze kritiek zouden toestaan dan zou dat opgevat kunnen worden als kritiek op hun keuze.
Het verklaart voor mij achteraf beter waarom vader, die eerst in het door hem gewilde verpleeghuis was opgenomen en dat goed leek te accepteren, maar die na een week naar het huidige verpleeghuis ging - waarom vader toen volledig flipte. Tenminste een maand lang liep hij door de vensterbanken, kroop onder tafel, herkende niemand meer, was heel boos. Ik heb dat altijd geinterpreteerd als opperste wanhoop.
Het voegt het zoveelste verhaal toe aan de intense triestheid van vaders laatste jaren.
Dat is nogal ontluisterend, omdat ik altijd het idee had dat dit huis zijn eigen keuze was. J. vertelde dat vader denkt dat hij in dit huis zit, omdat zus G. die bij dezelfde instelling en op hetzelfde terrein werkt, dan gemakkelijker bij hem langs kon komen. Maar in het verleden vertrouwde hij J. toe dat hij had verzucht dat ze helemaal niet zo vaak kwam, en als ze kwam was ze zo weer weg.
Ik heb de oude aantekeningen opgezocht, die mijn broer B. destijds toestuurde. Broer heeft samen met zus G. die twee verpleeghuizen bezocht, en hebben de verschillen opgenoemd. Ik herinner me de email-discussie, en wat in mijn herinnering de doorslag heeft gegeven is dat degene met christelijke signatuur geen kerkdiensten had, en de andere zonder die signatuur wel. Het werd dus die laatste.
Maar het argument dat het dan wel zo makkelijk voor zus G. was, staat niet vermeld en komt mij ook niet bekend voor.
Hoe dan ook, zus en broer blijken dus nog een extra belang te hebben om elke kritiek in de kiem te smoren; immers, als ze kritiek zouden toestaan dan zou dat opgevat kunnen worden als kritiek op hun keuze.
Het verklaart voor mij achteraf beter waarom vader, die eerst in het door hem gewilde verpleeghuis was opgenomen en dat goed leek te accepteren, maar die na een week naar het huidige verpleeghuis ging - waarom vader toen volledig flipte. Tenminste een maand lang liep hij door de vensterbanken, kroop onder tafel, herkende niemand meer, was heel boos. Ik heb dat altijd geinterpreteerd als opperste wanhoop.
Het voegt het zoveelste verhaal toe aan de intense triestheid van vaders laatste jaren.
Abonneren op:
Posts (Atom)